Aantal zorgmijders onverminderd hoog

Een op de acht Nederlanders heeft in 2024 een bezoekje aan de dokter, tandarts of fysio uitgesteld of helemaal overgeslagen vanwege de kosten. Dat blijkt uit de eerste editie van de Patiëntenmonitor van Patiëntenfederatie Nederland, die woensdag gepubliceerd wordt.

84 procent van de zorgmijders kreeg daardoor meer pijn of klachten

‘Dagelijks moet ik vijftien kaliumpillen slikken omdat ik lijd aan het syndroom van Barter, dat breekt het kalium in mijn bloed af. Als ik het kalium niet slik, kan dat leiden tot een hartstilstand”, vertelt Nancy Aerts uit Landgraaf. Toch slikt ze die pillen niet in de voorgeschreven hoeveelheid. „Ik probeer het te beperken tot tien per dag. Behalve als ik me heel slecht voel, dan neem ik er meer.”

Ze onthoudt zichzelf de pillen, omdat ze hiervoor een forse eigen bijdrage moet betalen. „Er is ook een drankje dat ik dagelijks zou kunnen slikken. Dat wordt wel helemaal vergoed, maar daar reageer ik niet goed op.”

Aerts is door haar ziekte volledig arbeidsongeschikt geraakt. „Ik werkte in de kinderopvang. Ik mis dat enorm, maar het ging niet meer.” Ze krijgt daarom nu een uitkering van zo’n 1200 euro per maand. „In de eerste paar maanden van het jaar moet ik dan ruim 400 euro per maand aan zorgkosten betalen. Eigen risico, zorgpremie en de eigen bijdrage voor mijn medicijnen. Dat kan ik niet ophoesten. Daarom doe ik zuinig met mijn pillen.”

Maar dat is niet zonder gevolgen. Aerts voelt zich vaak duizelig en ‘erg zwak’. „Dan zou ik het liefst ergens in een hol gaan liggen en denken ‘laat het maar over zijn’.”

Voor meer zorgmijders zijn de gevolgen ingrijpend, blijkt uit het onderzoek: 84 procent van de mensen die zorg gemeden hebben in 2024, kreeg daardoor meer pijn of klachten, 70 procent ervoer stress of onzekerheid, en voor bijna een kwart verslechterde de kwaliteit van leven. „Het is onacceptabel dat financiële drempels mensen weghouden van noodzakelijke zorg”, vindt Arthur Schellekens, directeur-bestuurder van Patiëntenfederatie Nederland.

De oplossing die het gevallen kabinet hiervoor voorstelde, was het verlagen van het eigen risico in de zorg, maar dat noemt Schellekens ‘een sigaar uit eigen doos, omdat mensen die verlaging uiteindelijk zelf moeten ophoesten met een hogere zorgpremie’.

„Dat eigen risico is voor heel veel Nederlanders helemaal geen probleem. Die kunnen dat best betalen. Maar je moet juist zorgen voor de mensen die het geld niet hebben.”

Schellekens ziet daarom meer in uitbreiding van het basispakket met mondzorg en fysiotherapie. „Dat laten mensen het eerst vallen als ze kosten willen vermijden. Maar moet je je eens voorstellen dat je twee weken met kiespijn rondloopt” aldus de directeur.

Uit het onderzoek, waarvoor ruim tienduizend Nederlanders werden bevraagd, kwamen nog meer nijpende kwesties voor patiënten naar voren. Zo moest maar liefst 63 procent van de ondervraagden die in 2024 een ziekenhuis- of kliniekbehandeling onderging, daar een tijd op wachten. Van de mensen die moesten wachten, wachtte bijna een kwart twee maanden of meer.

Schellekens benadrukt dat wachttijden niet alleen ongemak veroorzaken: „Wachten op zorg is niet alleen vervelend, het leidt vaak tot verergering van klachten en kan blijvende schade veroorzaken.”

En dat blijkt ook uit het onderzoek: 88 procent van de patiënten die moesten wachten, kreeg meer pijn of klachten, 70 procent kampte met stress en onzekerheid, en 14 procent liep blijvende gezondheidsschade op.

Ook de medicijntekorten blijven een actueel probleem. Bijna de helft (46 procent) van de patiënten die in 2024 medicijnen nodig hadden, kreeg in de apotheek wel eens ‘nee’ te horen. In veel gevallen kregen zij hun medicijn later of in een andere vorm, maar soms ook helemaal niet.

Gebrekkige gegevensuitwisseling tussen verschillende zorgverleners leidde in 2024 geregeld tot problemen. Zo maakte een op de tien ondervraagden die in 2024 naar het ziekenhuis of kliniek moesten mee dat er iets mis of bijna mis ging, omdat een zorgverlener niet goed op de hoogte was van de medische gegevens. Dit leidde onder meer tot medicatiefouten, verkeerde diagnoses en verwarring over behandelingen. In sommige gevallen liep de patiënt tijdelijk of zelfs blijvend letsel op.

Schellekens noemt dat ‘schokkend’. „Dit kan toch gewoon niet waar zijn? Ik kan tegenwoordig vanuit mijn luie stoel een vakantie boeken naar Bangkok en dan uitkiezen in welk restaurant ik wil eten en alvast het menu bekijken en mijn voorkeurstafel reserveren. Maar als ik in het ziekenhuis geholpen moet worden, moet ik eerst langs de apotheek om mijn gegevens op een A4-tje te laten printen. We leven toch niet meer in de Middeleeuwen?”

Het nieuwe Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord dat vlak na de val van het kabinet getekend zou worden, voorziet volgens Schellekens in een aantal oplossingen. Zo staan er maatregelen in die die gegevensuitwisseling moeten verbeteren en de toegang tot zorg en medicatie moeten vergroten, zo bevestigt Schellekens. „Wij zouden graag zien dat dit akkoord alsnog ondertekend wordt.”

<LC.18.06.2025>

Deel dit bericht :