‘Blijf kleinschalige activiteiten van eilanders toestaan in waddennatuur’

Den Haag Er moet ruimte blijven voor kleinschalige activiteiten van eilanders in de wadden- natuur, vinden Kamerleden. Ze namen dinsdag ruim 51.000 handteke- ningen in ontvangst van burger- beweging Wij zijn de Wadden.

Praat mét ons in plaats van óver ons Aant Durk van der Veen

Pieren steken, strandrijden, wadlopen – dit zogenoemde ‘cultuurhistorische medegebruik’ van de waddennatuur door de eilander bewoners moet in goed overleg mogelijk blijven. Dat stellen Kamerleden van coalitiepartijen D66 en CDA en ook verschillende oppositiepartijen denken er zo over – hoogstwaarschijnlijk een meerderheid in de Kamer.

Ze reageren op zorgen van de burgerbeweging Wij zijn de Wadden. Een afvaardiging onder leiding van Vlielander Aant Durk van der Veen kwam hen dinsdag in het gebouw van de Tweede Kamer liefst 51.000 handtekeningen aanbieden. „Wij staan niet tegenover de natuur, laat dat duidelijk zijn”, aldus Van der Veen. „Maar praat mét ons in plaats van óver ons” over „niet minder, maar betere bescherming” van het gebied.

Bezorgd

De eilanders zijn bezorgd over nog onvoldragen Natura 2000-plannen van Rijkswaterstaat om de toegang tot natuurgebieden en de Waddenzee mogelijk flink te beperken. Dat zou nodig zijn om kwetsbare soorten en leefomgevingen beter te beschermen. Eilanders zouden dan niet meer overal mogen komen en bepaalde activiteiten zouden niet meer zomaar mogen. Zij willen dat er aan dat ‘cultuurhistorische medegebruik’ niet wordt getornd en dat de inperkende Natura 2000-maatregelen volledig van tafel gaan.

Wij zijn de Wadden voelt zich gehoord

Natuur- beheer is alleen duurzaam als je de mensen erbij weet te betrekken Diederik Boomsma

„Onze leefwijze op de Waddeneilanden wil ik kunnen doorgeven aan mijn kinderen”, zei Van der Veen. „Dus sluit geen hele gebieden permanent af. Als ergens vogels broeden, kun je de toegang tot die specifieke plek ook tijdelijk verbieden met een paar bordjes.” Wat Wij zijn de Wadden ook dwarszit, is dat het rijk zijn best doet om grootschalige activiteiten zoals militaire oefeningen of de aanleg van stroomkabels toe te staan, terwijl kleinschalige activiteiten van de eilanders straks verboden zouden worden.

Kamerleden kunnen zich de zorgen van de eilanders goed voorstellen. „Ze doen een redelijk verzoek”, vindt Marieke Vellinga-Beemsterboer (D66), oud-wethouder op Vlieland. „Als er wordt besloten om gebieden af te sluiten zonder te praten met de mensen die er wonen, dan gaat er iets niet goed. En dat is een vaker terugkerend probleem.” Ze wijst op de Agenda Waddengebied 2050, waarin staat dat het ‘historisch medegebruik’ behouden moet blijven, én dat eilanders vroegtijdig betrokken moeten worden bij ‘ontwikkelingen in het gebied’. „Dat gebeurt in de praktijk nog te weinig.”

Ook Luciënne Boelsma (CDA) vindt het „net goed útlisber” als gebieden zonder overleg worden afgesloten. „Krekt de bewenners fan it waad-gebiet witte hoe’t se omgean moatte mei de natuer dêre.” Eilanders hebben daar zelf ook belang bij, want ze verdienen hun geld er- mee, vult Vellinga aan.

Mens en natuur gaan op de Wadden al eeuwen samen, zegt Diederik Boomsma (JA21). Hij noemt het „echt flauwekul” dat de soortenrijkdom zou leiden onder de activiteiten van de eilanders. „Natuurbeheer is alleen duurzaam als je de mensen in de omgeving erbij weet te betrekken. Het laatste wat je moet doen is hen van je vervreemden.” Zijn partij gaat ervoor pleiten dat „de Wadden toegankelijk blijven”. Ook Femke Wiersma (BBB) staat „foar de folle hûndert prosint” achter het pleidooi van ’Wij zijn de Wadden’.

Waddendebat

Intussen zijn gesprekken gaande tussen Rijkswaterstaat en Wij zijn de Wadden. Marieke Vellinga heeft hoop dat er een „constructieve oplossing” bereikt kan worden als beide partijen „goed naar elkaar luisteren”. Ook Boelsma heeft „hoop dat se derútkomme”.

Op 8 oktober is er een Waddendebat in de Tweede Kamer. Boelsma gaat minister Vincent Karremans van Infrastructuur de toezegging vragen om het cultuurhistorisch medegebruik in overleg met de eilanders te blijven toestaan. Vellinga schaart zich daar ook achter en dat geldt naar verwachting voor een groot deel van de Kamer.

Aant Durk van der Veen gaat na afloop van de bijeenkomst met een goed gevoel terug naar Vlieland. „Het was persoonlijk en we voelen ons gehoord.” Hij wacht de reactie van de minister tijdens het Waddendebat met belangstelling af.

<FD.30.09.2026>

Deel dit bericht :