Hoe krijg je elke Fries in een passend huis?

Tjerkwerd – Hoe zorg je ervoor dat zoveel mogelijk Friezen in de toekomst een woning hebben die precies bij ze past? In Bolsward werd dinsdag in oplossingen gedacht.

‘Ik wil ook niet met alleen maar grijze duiven op een rijtje zitten’

Wat zou het mooi zijn, denkt Tea Huitema uit Tjerkwerd, als ze op haar huidige erf een kangoeroewoning zouden mogen bouwen. Een bescheiden optrekje waar zij en haar partner naartoe zouden kunnen verhuizen, zodat hun eigen woning beschikbaar komt voor hun kinderen, die op hun beurt dan weer hun huurwoning kunnen verlaten.

„Wy ha in grut hûs foar ús beiden, mei fjouwer sliepkeamers foar twa minsken. En in bêste pôle. Der is romte genôch.”

Maar: tegen welke voorwaarden? Want in welke mate worden haar kinderen dan opgezadeld met verplichte zorgtaken voor hun ouders? „Sjoch, in kear in pantsje iten oer de hage, as it paad sniefrij meitsje is fansels bêst. Mar as it de kant fan de ferpleging op giet, dan stuitet my dat wat tsjin it boarst. Dat wol ik se net oandwaan.”

Dus hikt ze ertegenaan. En dus blijft iedereen voorlopig waar die zit. Ziehier: het vraagstuk van de Friese woningmarkt in een notendop. „Ik hoopje op ferromming fan rigels en prosedueres”, sprak Huitema dinsdagavond tijdens een zogeheten ’wooncafé’ in museum De Tiid in Bolsward.

Het was de eerste van drie door de provincie georganiseerde sessies, waarin inwoners kunnen meepraten over de Friese woningmarkt, die danig onder druk staat. Centrale vraag: hoe vindt iedereen de woning die bij hem of haar past?

De avonden – er volgen nog wooncafés in Kollum en Heerenveen (respectievelijk op 24 en 25 augustus) – zijn bedoeld om behoeftes en ideeën te delen. De resultaten dienen als bouwsteen voor een Fries Woonplan waaraan de provincie werkt.

Het liep niet storm in Bolsward. Het aantal belangstellenden was op de vingers van drie handen te tellen, maar dat stond een goede discussie niet in de weg, zeker omdat uit alle geledingen van de woningmarkt vertegenwoordigers aanwezig waren, van starters tot ’afbouwende’ senioren.

De problemen van die twee uiterste groepen komen sterk overeen. Neem Meike (23) uit Bolsward (haar achternaam houdt ze liever voor zichzelf), die er maar niet in slaagt een betaalbare woning voor zichzelf te kopen of huren.

Terwijl haar stadgenoot Evert Salverda, een kwieke zeventiger die ruim woont, met het oog op de toekomst best een stapje terug zou willen doen. Maar ook hij vindt niet wat hij zoekt. „Dat is triest. Want nu kan ik de ruimte voor die jongeren niet maken.”

Het is complexe materie, schetste ook gedeputeerde Abel Kooistra. Want woningbouwplannen die nu gesmeed worden, zijn pas over een jaar of vier of zelfs later klaar en wie zegt er dat de behoeften dan niet heel anders liggen? Prettig wonen is vooral een kwestie van vooruitzien.

Aan gedachten over mogelijke oplossingen geen gebrek, in De Tiid. Kunnen leegstaande winkelpanden niet makkelijker in appartementen of woningen worden omgezet? Moet het eenvoudiger worden vakantiehuisjes voor permanente bewoning geschikt worden gemaakt?

Of wat te denken van een platform voor mensen die het niet aandurven een Te Koop-bord in hun tuin te zetten, omdat het te onzeker is waar ze dan naartoe kunnen? Zeg maar een soort ruilmarkt, geheel vrijblijvend, voor mensen die latent op zoek zijn naar iets anders?

oe dan ook, klonk het in Bolsward, zou het mooi zijn als er nieuwbouw komt die zowel voor starters als senioren geschikt is. Niet al te duur en niet al te groot, met een fijne mix van jong en oud, die naar elkaar omzien. Salverda: „Ik wil ook niet met alleen maar grijze duiven op een rijtje zitten.” Meike pleit voor „een soort woning-Tinder”, waar vraag en aanbod voor woningen voor starters en senioren samenkomen. „Als ik klaar ben om door te stromen, kan ik er zo mooi een ouder iemand voor vinden.” Salverda: „Dan meld ik me aan.”

<LC.19.08.2026>

Deel dit bericht :