Goed geïsoleerde huurwoningen met zonnepanelen en een warmtepomp hebben een laag energieverbruik en dan mag de huur hoger.
Naar schatting 90.000 huizen hebben een te hoge huur. Dankzij nieuwe regels kunnen de bewoners die nu omlaag krijgen. Hoe zit dat?
‘Die energielabels kunnen gewoon beter en eerlijker’
Voor mensen met een huurwoning is 1 juli doorgaans een wat minder feestelijke dag. Hun huur gaat in de meeste gevallen met een flink percentage omhoog, dit jaar variërend van 4,1 tot 7,7 procent. Dankzij de Wet Betaalbare Huur is er dit jaar echter een categorie huurders die voor huurverlaging in aanmerking komt, stelt de Woonbond, de belangenvereniging van huurders.
Om welke huurders gaat het?
Het gaat om huizen met een huur in het middensegment: van 900,07 euro tot 1184,82 euro per maand. Nieuw is dat huizen in deze categorie voldoende punten moeten hebben om ook echt bij dat middensegment te mogen horen. Heeft je huis minder dan 144 punten, dan zal je huisbaas de huur moeten verlagen tot onder de grens van 900,07 euro. Als hij dat niet op jouw verzoek wil doen, kun je naar de Huurcommissie stappen, die vervolgens een bindende uitspraak doet.
Dat puntenaantal wordt door een aantal zaken bepaald: de WOZ-waarde, het energielabel, de oppervlaktes van de kamers, keuken en badkamer en die van de eventuele tuin, dakterras of balkon. De Huurcommissie heeft een tool op de website waarmee je het aantal punten kunt berekenen en waarop staat waar je de WOZ-waarde van je huis kunt vinden en het energielabel. Huizen in het middensegment moeten tussen de 144 tot 186 punten krijgen.
De Woonbond inventariseerde welke huizen in Nederland waarschijnlijk te duur zijn en kwam op een aantal van ruim 90.000, en omdat er dikwijls meerdere mensen in een huis wonen, moeten er flink meer dan 100.000 Nederlanders zijn met een te hoge huur.
Hoe groot zijn de huurverhogingen dit jaar?
Juist huurders in het middensegment krijgen dit jaar stevige huurverhogingen voor de kiezen. Hun verhuurders mogen maximaal 7,7 procent bovenop de kale huur doen. In de vrije sector bedraagt de maximaal toegestane verhoging ‘slechts’ 4,1 procent. Zit je in de sociale huur, dus onder die grens van 900 euro, dan is de maximale verhoging 5 procent.
Dit laatste geldt weer niet als je inkomen wat hoger is dan waarvoor de sociale huurwoningen zijn bedoeld. Dan mag de huisbaas de huur met 50 of 100 euro per maand verhogen. Dit geldt voor alleenstaanden bij een inkomen vanaf 57.000 euro en voor stellen vanaf 66.000 euro.
Hoe betrouwbaar zijn energielabels?
Het energielabel speelt een grote rol bij het puntenstelsel van de huurwoningen en daarmee bij het bepalen van de huur. En die energielabels zijn verre van volmaakt, beseft ook Ten Broeke. „Gecertificeerde bureaus stellen die labels vast, toch valt er op de systematiek veel aan te merken. De uitkomst komt niet altijd overeen met de daadwerkelijke warmtevraag van de woning. Er is bovendien geen instantie waar een huurder terecht kan als hij vindt dat zijn label niet klopt.”
Ook als het label helemaal klopt, kan de uitkomst voor de huurder toch nadelig zijn. Dat is in studentenstad Groningen weleens het geval bij complexen met erg kleine studio’s. Als die goed geïsoleerd zijn, mag de verhuurder een fikse huur vragen. Maar voor het energieverbruik in een individuele kleine woning maakt het heel weinig uit of het energielabel nu A of E is.
„Klopt”, zegt Ten Broeke. „Die energielabels kunnen gewoon beter en eerlijker. We denken dat dit ook wel gaat gebeuren.”
Wat vinden de huisbazen?
Particuliere beleggers met huurwoningen in het middensegment klagen steen en been over de nieuwe regels. Komt een woning leeg, dan moeten ze de nieuwe huurder op basis van het puntenstelsel een nieuwe huur berekenen. Dit kan betekenen dat ze minder krijgen dan voorheen. Velen stellen dat ze te weinig rendement gaan maken en doen hun huis in de verkoop.
„Die verhuurders hebben in de afgelopen jaren echter goed verdiend”, zegt woordvoerder Mathijs ten Broeke van de Woonbond. „En als ze hun huis verkopen, is dat gunstig voor mensen die een koophuis zoeken. We betwijfelen of het met de nieuwe regels echt niet meer rendabel is om in een huurhuis te beleggen. En we hebben liever dat de overheid corporaties helpt om betaalbare huizen te bouwen dan dat zij beleggers tegemoet komt.”
<LC.02.07.2025>