AMSTERDAM – Beleggers verkochten in het laatste kwartaal van vorig jaar nog meer woningen. Inmiddels is bijna een op de zes verkochte koopwoningen een voormalig huurpand.
Het aandeel van private huurwoningen in de Nederlandse woningvoorraad is daardoor flink aan het slinken. ‘Recordaantal woningen verkocht’, constateert het Kadaster donderdag in een rapport.
Investeerders verkochten in het vierde kwartaal van 2025 ruim 20.700 woningen. Dit is 5,3 procent meer dan in dezelfde periode een jaar geleden, toen de verkoopgolf ook al hevig was.
Maatregelen
Beleggers begonnen al meer te verkopen voordat de Tweede Kamer besloot tot de regulering van de middenhuur per 1 juli 2024, op voorstel van toenmalig woonminister Hugo de Jonge. Daar kwamen belastingverhogingen en het verbod op tijdelijke huurcontracten bovenop, plus maatregelen die woningdelen in bijvoorbeeld een studentenhuis onaantrekkelijker maakten.
Investeerders kochten in het vierde kwartaal bijna 8.900 woningen. Dat is 4 procent minder dan in hetzelfde kwartaal vorig jaar. Per saldo nam hun bezit dus sterk af.
Gemiddeld verkochten investeerders vorig jaar elk kwartaal ongeveer 6.900 meer woningen aan eigenaar-bewoners dan zij van hen kochten. Daarnaast was er een verkoopgolf bij particulieren die maar één tweede woning hebben, en door het Kadaster niet tot de investeerders worden gerekend. Zij verkochten per saldo per kwartaal gemiddeld 2100 verhuurde tweede woningen.
Meer dan voorzien
Beleggersclub Vastgoedbelang constateert op basis van de kadastercijfers dat anderhalf jaar na invoering van de middenhuurwet al ruim 2,5 keer zoveel woningen zijn uitgepond als het ministerie van Volkshuisvesting in het meest optimistische scenario had voorzien.
„In 2025 werden 39.131 huurwoningen verkocht en overgegaan naar de koopmarkt. Dat zijn er 26,2 procent meer dan in 2024, dat zelf al een recordjaar was. Daarmee verdween vorig jaar bijna één op de drie woningen in de grote steden definitief uit de huurmarkt”, zo stelt de organisatie vast op basis van het Kadasterrapport.
Daarmee komt volgens Vastgoed Belang al spoedig het middenscenario in zicht, 83.000 uitgeponde woningen, hoewel dat aantal eigenlijk pas in 2034 bereikt had moeten worden.
‘Dubbele druk’
„Ondanks herhaalde waarschuwingen heeft de politiek de schaal van de uitpondgolf van tevoren ernstig onderschat,” zegt Niek Verra, voorzitter van Vastgoed Belang. „Als gevolg van de middenhuurregulering en de zware belastingdruk in box 3 krimpt de huurmarkt in bliksemtempo.”
Verra wijst erop dat het aantal bouwvergunningen ook dalende is, mede omdat beleggers geen brood meer zien in huurwoningen. „Er ontstaat een dubbele druk: terwijl de bestaande huurvoorraad krimpt door de uitpondgolf, komen er vanuit nieuwbouw nauwelijks woningen bij.”
Op 1 januari dit jaar was 9 procent van de Nederlandse woningvoorraad in het bezit van investeerders. Twee jaar eerder was dat nog 9,4 procent.
Van de verkochte koopwoningen was 16 procent eerder een huurwoning. In de vier grote steden was dat percentage zelfs bijna 28 procent. Daar betaalden mensen gemiddeld 454.000 euro voor ex-huurwoningen. Aangezien het vaak kleinere en slechter onderhouden woningen waren, was dat fors lager dan de gemiddeld prijs van niet-huurwoningen. Dat verschil was 124.000 euro.
<FD.28.02.2026>