Leeuwarden Serviceflat Aldlânstate in Leeuwarden wordt volgend jaar afgebroken. Eind 2028 moet de nieuwbouw van 126 huurwoningen voor 55- plussers klaar zijn.
‘Mensen vinden het fijn dat je elkaar tegenkomt en een praatje kan maken’
„Dit geeft echt een heel fijn gevoel”, zegt directeur-bestuurder Désirée van Dijk van Stichting Rendant, eigenaar van de serviceflat. De belangstelling voor de nieuwe huurwoningen is groot: „Er staan niet voor niks vierhonderd mensen op de lijst.”
Nog dit jaar beginnen de eerste voorbereidingen en vanaf januari worden palen geslagen voor de nieuwbouw, die de naam Aldlânspark zal dragen. Over ruim twee jaar hoopt Rendant de sleutels aan de nieuwe bewoners te kunnen overhandigen.
In de loop van 2027 begint de afbraak van het bestaande complex: een klus die in het voorjaar van 2028 moet zijn afgerond. „Het gebouw is echt op”, zegt Van Dijk.
’s Zomers is het er vreselijk heet en ’s winters lopen de stookkosten op. Badkamers en andere voorzieningen zijn volstrekt niet meer toegerust op moderne wooneisen. „Straks wordt het hier zoveel prettiger.”
Aldlânstate is in 1963 gebouwd als complex met 230 appartementen voor zelfstandig wonende ouderen. Later verrees in Heerenveen het gelijkvormige complex Heerenhage. Dit is inmiddels al vervangen door nieuwbouw.
Een soortgelijk sloop- en nieuwbouwplan presenteerde Rendant in 2014 voor Aldlânstate. Na kritiek van huurders en omwonenden volgde in 2017 een aangepast plan. Het idee was om eerst nieuw te bouwen en pas daarna het oude complex te slopen.
Mensen aan de overzijde van het Van Harinxmakanaal waren boos over het plan en procedeerden hierover tot aan de Raad van State. Die gaf deze bezwaarmakers uit GoutumNoord ongelijk.
Toch kwam de nieuwbouw in 2020 niet op gang. Door de sterk gestegen bouwprijzen was het plan financieel namelijk niet meer haalbaar.
Zorg-ontwikkelaar AIG Care & Living meldde zich bij Rendant. Dit bedrijf zag hernieuwde kansen voor het plan en heeft de ontwikkeling op zich genomen. Voordeel van Aldlânstate is dat er geen procedures meer nodig zijn voor een bouwvergunning of stroomvoorzieningen.
Bij het begin van de planvorming woonden er nog vijftig oorspronkelijke huurders. Inmiddels zijn er nog slechts twee oudere dames over. Zij kunnen van Rendant hulp krijgen bij het zoeken van een ander onderkomen. Verhuizen naar Heerenhage in Heerenveen is een optie, „maar wij wachten af wat zij zelf willen”, zegt Van Dijk.
De rest van het gebouw is jarenlang door leegstandsbeheerder Carex verhuurd, vooral aan studenten. Zij konden er veel langer blijven wonen dan verwacht. Sommigen bleven er ook na hun studie wonen. „Er zijn zelfs al baby’s geboren”, zegt Van Dijk. „Het is een heel leuke gemeenschap, het gaat om zeker driehonderd mensen.”
Wie bij Carex huurt, weet dat een contract tijdelijk is. In mei moet het gebouw helemaal leeg zijn, zegt Jan Strating van AIG. Daarna wordt onderzocht hoeveel asbest er in het gebouw zit. Als dit verwijderd is, kan de sloop beginnen. Dit heeft enige haast, want een deel van het parkeerterrein komt op de plek van het oude gebouw.
Aldlânspark bestaat straks uit driekamerappartementen in de middenhuur. Ze worden verwarmd met warmtepompen. Voor warmtewinning en -opslag in de bodem wordt dit jaar alvast een boring uitgevoerd.
De nieuwe huurders wonen zelfstandig, maar krijgen wel een centrale ontmoetingsruimte, zegt Van Dijk. Mensen hebben meer vrijheid dan voorheen. Ze zijn niet langer afhankelijk van een centrale keuken, maar kunnen zelf koken of een aanbieder van tafeltje-dek-je naar eigen wens kiezen.
Op de wachtlijst staan mensen die zich verheugen op het uitzicht over het Van Harinxmakanaal, maar ook op het sociale contact dat vaak ontbreekt in appartementencomplexen: „Mensen vinden het fijn dat je elkaar tegenkomt en een praatje kan maken.”
Bij de presentatie in 2017 stond langs de Hempenserweg een aantal bungalows ingetekend. Die komen er niet, maar AIG onderzoekt wel alternatieve plannen voor dit gebied. De uitwerking hiervan komt pas later, zegt Strating
<LC.24.09.2026>